Phone
🏆 Winnaar Marktonderzoeksbureau van het Jaar 2020 🏆

Nieuws

Kinderen in het noorden een jaar later eigen device dan in de rest van Nederland

9 juli 2020

LEEUWARDEN - Uit onderzoek dat is uitgevoerd door Markteffect, blijkt dat kinderen in noordelijke provincies gemiddeld 1 jaar later een eigen device krijgen dan in de rest van Nederland. Gemiddeld krijgen Nederlandse kinderen op 8-jarige leeftijd een eigen apparaat, zoals een tablet of smartphone. In het noorden van Nederland, dat wil zeggen de provincies Friesland, Drenthe en Groningen, krijgen kinderen een eigen apparaat wanneer ze gemiddeld 9 jaar zijn. Bovendien heeft 30% van de 6 tot 12-jarige kinderen in deze provincies helemaal geen eigen device, en maken ze gebruik van het apparaat van een ouder of een gemeenschappelijk apparaat, zoals een computer in de woonkamer. Dit ten opzichte van 27% in heel Nederland.

Niet alleen de leeftijd waarop kinderen een eigen apparaat krijgen verschilt, ook het soort device dat ouders als eerste aan hun kind geven. In heel Nederland is een tablet hiervoor het populairst: 56% van de kinderen krijgt dit als eerste device. In tegenstelling tot in de noordelijke provincies: hier is het eerste apparaat in de meeste gevallen (58%) een smartphone.

Het apparaat dat Nederlandse ouders als eerste aan hun kind geven:

Het is lastig vast te stellen wat de juiste leeftijd is voor het krijgen van een eigen device. Dit kan per kind of opvoeding verschillen. Wel zijn hier richtlijnen voor. Ouders kunnen bijvoorbeeld beslissen om hun kind een smartphone te geven wanneer hij of zij naar de middelbare school gaat. Hier is een smartphone steeds vaker onmisbaar, bijvoorbeeld voor de klassenapp op WhatsApp of voor het inzien van het lesrooster. Daarnaast kan het meespelen of leeftijdsgenoten in dezelfde leefomgeving als het kind al een eigen apparaat hebben of niet.

Of het krijgen van een eigen device op jongere leeftijd positieve effecten heeft, bijvoorbeeld door het onderhouden van sociale contacten of voor het ontwikkelen van motorische vaardigheden, is onduidelijk. Het is voor ouders in elk geval een stuk lastiger om toezicht te houden wanneer hun kind een eigen apparaat gebruikt, in plaats van een gemeenschappelijk apparaat.

Denise Bontje is specialist op het gebied van mediaopvoeding, taalontwikkeling en spel, en geeft een tip voor het houden van toezicht. Ze legt de nadruk hierbij niet op het controleren, maar voornamelijk op de interactie tussen ouder(s) en kind: "Vraag je kind eens om je te laten zien hoe een spel werkt en doe eens mee. Het af en toe samen spelen, iets kijken of zelf maken en daarover praten is niet alleen leuk, maar misschien nog wel waardevoller voor de ontwikkeling van kinderen dan het spel zelf. Bovendien schep je zo een vertrouwensband waardoor een kind eerder bij je zal aankloppen als het iets wil bespreken."

Over het onderzoek
Het onderzoek werd tussen 10 en 22 maart 2020 uitgevoerd door Markteffect in opdracht van Prijsvergelijken. De doelgroep bestaat uit ouders van kinderen tussen de 6 en 12 jaar oud. In totaal hebben 1020 ouders meegedaan aan het onderzoek. Op basis van de respons zijn de antwoorden met een zekerheid van 95% en een nauwkeurigheid van 3,1% te generaliseren naar de doelgroep. In de praktijk betekent dit dat wanneer een uitkomst uit het onderzoek 50% is, dit in werkelijkheid tussen 46,9% en 53,1% ligt.


Meer weten?
 

Voor meer informatie over bovenstaand onderzoek kunt u terecht bij Michael Petit. 


Michael Petit
Client Consultant